Overslaan naar inhoud

Nour Abed Alhameed, een jonge Palestijnse studente verpleegkunde uit Geraardsbergen.

Op de ‘Walk for Peace’, op 21 september jongstleden in Geraardsbergen, viel de jonge Nour onmiddellijk op. Een tengere verschijning met een uitgesproken positieve energie, grote, alerte bruine ogen en een stralende glimlach. Ze kwam als 13-jarige op 7 november 2014 naar België.

Aan het einde van de vredesmars bracht ze een ontroerend gedicht, want naast haar opleiding tot verpleegkundige en haar inzet voor Palestina droomt Nour ervan schrijfster te worden.

       

Heb je nog herinneringen aan de dag dat je aankwam in België?

 “Ik ben nu 24 jaar, dus al bijna 11 jaar in België. Toen ik hier aankwam was het nacht, en alles wat ik zag leek een scène uit een film. Ik herinner me heel veel lawaai, en veel mensen die allemaal een andere taal spraken. Niets was vertrouwd. Er waren ook veel lichtjes en zachte regen. Dat vind ik nog steeds mooi: hoe België blinkt in de nacht…

Mijn papa huilde toen hij mij voor het eerst terugzag na 3 jaar en ook een collega van hem knuffelde me met tranen in haar ogen. Mijn vader werkte toen in het gemeentehuis op de integratiedienst, maar van beroep was hij journalist”.

Ook tijdens haar inschrijving in OKAN (1), kreeg ze een heel welkom gevoel: “We waren op u aan het wachten”, zei de directeur, “we zijn blij dat u eindelijk gekomen bent”.


Was het moeilijk om de taal te leren en je om je weg te vinden in de Belgische maatschappij?

”Bij mijn aankomst sprak ik enkel Arabisch. Het was een totale overschakeling van taal, land en gewoontes”.

In OKAN (onthaalklas voor anderstalige nieuwkomers ) kreeg ze veel steun en leerde ze Nederlands en Frans. Thuis oefende ze Engels via liedjes en series, en kreeg ze privéles van haar jongere zus Mona.

“In het begin kon ik moeilijk accepteren dat mijn jongere zus mij les gaf, maar na een tijdje werd het leuk om samen met haar tijd te spenderen. En dankzij haar lees- en ‘zanglessen’ spreek ik nu vloeiend Nederlands”.

Op school werd ze soms gepest om haar accent, maar ze vond steun bij vrienden van verschillende nationaliteiten, met wie ze samen Nederlands leerde en oefende.

“Voor mij zijn ze mijn tweede familie en mijn steun tijdens moeilijke momenten, vooral wanneer ik heimwee heb kan ik altijd bij hen terecht”.

Momenteel is Nour bachelor student verpleegkunde aan de Arteveldehogeschool in Gent.

Ze droomt er van om een bekende schrijfster te worden, en een goede verpleegkundige te zijn.

“Ik droom ervan om vanuit mijn toekomstige job, vanuit mijn gedichten of gewoon door mijn aanwezigheid, van deze wereld een beter wereld te maken”. 

Ze vindt het nog steeds grappig hoe iedereen hier van frietjes houdt, en dat dit ook wekelijks gegeten wordt. Zijzelf houdt niet zo van frietjes, maar ze eet ze soms wel. Haar lievelingseten is Shisbarak (2) en Musakhan (3).

 

Wat mis je het meest aan Palestina? En zijn er elementen uit je cultuur die je hier in België hebt kunnen behouden?

“Ik heb Palestina nooit bezocht, maar ik mis het land uit de verhalen van mijn ouders en mijn grootouders: de zee, de grond, de sinaasappelen, het huis van mijn grootouders…. “

Haar beide ouders zijn geboren en opgegroeid in Palestina, maar Nour zelf deed dat in Jordanie, in het grootste Palestijnse vluchtelingenkamp ter wereld.

“Als ik terugdenk aan mijn tijd daar krijg ik altijd een gevoel van geluk, maar ook van heimwee en van verdriet. Vooral als ik denk aan de mensen van wie ik hield, zoals mijn moeder, mijn oma en mijn nonkel, die overleden zijn”. 

Haar mooiste herinneringen aan het kamp zijn die van tijdens de Ramadan en Eid (4), waarin alle kinderen na Iftar (de maaltijd die moslims nuttigen na zonsondergang tijdens de ramadan) of op de eerste dag van Eid, op straat speelden. Hoe buren en familie elkaar dan begroetten en iedereen mekaar feliciteerde. Ook de momenten waarop alle kinderen bij de grootouders samen waren, en het altijd feest leek, ook al was er geen feest, zijn dierbare herinneringen.

“Ik verloor mijn moeder op heel jonge leeftijd in Jordanië, toen ik negen was. 

Ik heb van haar stukjes kleren meegenomen om mijn herinneringen aan haar niet te verliezen en haar bij mij te houden bij elke belangrijke stap in mijn leven. In mijn hart en mijn gedachten leeft ze nog steeds. Ik maakte ook een paar foto’s met AI, om te zien hoe ze er nu zou uitzien, hoe wij er zouden uitzien als gezin”.

Daarnaast heeft ze ook hun kaart , kuffyieh (5),  sleutel (symbool van het terugkeer naar het land) en de traditionele jurk van Palestina gehouden.

“Zo vergeet ik nooit hoe enorm veel ik van Palestina hou”. 

 

Nour zegt een evenwicht te hebben gevonden tussen haar beide identiteiten, de Palestijnse en de Belgische, maar op het einde van de dag blijft ze toch Palestijnse. Daarom houdt ze zoveel mogelijk vast aan haar accent, haar taal en belangrijke Palestijnse waarden zoals gastvrij zijn, verwelkomend, hoopvol en helpend….

Is er ook een Belgische traditie of feestdag die je ondertussen hebt omarmd?

“Mijn favoriete feestperiode in België is de Kerstperiode. Kerstmis is het eerste feest dat ik in België gevierd heb en zal altijd mijn favoriet blijven. Ik vind het zalig om op een koude dag door de kerstmarkten vol met lekker eten en  warme dranken te lopen. Dat beeld waarin iedereen verenigd is, dat samen zijn, voelt zo goed. En de cadeaus ook natuurlijk!” (lacht)

Heb je nog dromen voor de toekomst, zowel voor jezelf als voor je familie?

Ik hoop op een leven zonder oorlog of angst, op een veilige toekomst voor mijn familie en kinderen. We zijn moe van vluchten en discriminatie. We willen gewoon rust en geluk, zoals iedereen.

Als je één boodschap zou kunnen geven aan de Belgische bevolking, wat zou die dan zijn?

Bedankt dat jullie ons verwelkomden en hoop gaven. Niemand kiest voor oorlog. Luister naar ons verhaal, veroordeel ons niet. We zijn hardwerkende mensen die uit het niets iets moois proberen te maken. We houden van het leven, en van België – net zoals van Palestina.

Laten we blijven spreken over het onrecht in Palestina. Een staakt-het-vuren betekent niet dat het leed voorbij is. Laten we samen helpen om het leven daar opnieuw op te bouwen.

  

(1) Een OKAN-school is een onthaalklas voor anderstalige nieuwkomers, bedoeld voor leerlingen tussen 12 en 18 jaar die nog niet lang in België wonen en de Nederlandse taal onvoldoende beheersen. Het doel van een OKAN-klas is om deze leerlingen in één jaar de Nederlandse taal aan te leren en hen zo voor te bereiden op instroom in het reguliere (secundaire) onderwijs. 

(2) Shish Barak is een traditioneel gerecht uit het Midden-Oosten dat bestaat uit met vlees gevulde dumplings die worden gekookt in een romige, kruidige yoghurtsoep. De dumplings lijken op mini-ravioli en worden vaak gevuld met lams- of rundergehakt, ui en pijnboompitten. Het gerecht wordt warm geserveerd en is een populair comfort food. 

(3) Geroosterde sumak kip, uien en olijfolie, geserveerd op taboonbrood. Een traditioneel gerecht dat wordt beschouwd als de koning van de Palestijnse keuken.

(4) "Eid" betekent "feest" of "festival" in het Arabisch en verwijst naar de twee grote islamitische feesten: Eid al-Fitr (het Suikerfeest) en Eid al-Adha (het Offerfeest). Kinderen kunnen tijdens deze feesten deelnemen aan spelletjes en activiteiten, zoals een "schattenjacht" waarbij zoetigheden worden verstopt.

(5) De keffiyeh is een vierkante sjaal en biedt bescherming tegen de elementen in warme, droge gebieden. Het is een traditioneel kledingstuk in veel Arabische landen en staat symbool voor erfgoed en identiteit. De zwart-witte Palestijnse variant is wereldwijd bekend geworden als een symbool van solidariteit met de Palestijnse zaak. 

 

 

Het gedicht van Nour

I am from three countries

One is stolen

And two by force

I have three houses

One destroyed

And two make me sore

I have three rooms

Two that don't belong to me

And one I'm homesick for

I have three passports in my bag

One doesn't exist

And two that don't make me a whole person at all

They said I am lucky

And in fact I should go and brag

About what ?

About the things that they've stolen from me,

never gave it back.

About the fact

That I'm countryless

Am a homeless

Am a nameless

Am peaceless

That I am a thousand of stolen pieces,

shattered in one small bag.

That I got asked, about my skin color

And the work of my dad

Which language I speak

That they keep telling me

To go back

somewhere in the nowhere,

that used to be a beautiful place

that I no longer can go back to ?

Then why did you turn your back?

They asked !

They put my hands in cuffs and push me to places not mine,

to some people who are that very kind

I didn't turn, they broke my back

 I have one heart

Very Palestinafull

Full of war

Full of pain

So broken

Destroyed and betrayed

I have three places to go

But only one

Even though it's so far

Can heal my scars

Palestine

Lena vluchtte van Oekraïne naar Zottegem en doet haar verhaal